Gents Klimaatplan: richting klimaatneutraliteit in 2050

Gent wil een klimaatneutrale stad zijn tegen 2050 en een klimaatrobuuste stad (aangepast aan de gevolgen van de klimaatverandering) tegen 2030.

Als eerste Vlaamse stad tekende Gent in 2009 het Europese Burgemeesterconvenant om de lokale CO2-uitstoot tegen 2020 met minstens 20% terug te dringen ten opzichte van 2007. Ook het nieuwe Europese Burgemeesterconvenant dat een doelstelling van 40% CO2-reductie tegen 2030 vooropstelt, werd in 2015 door de Stad Gent ondertekend.

De Gentse gemeenteraad keurde in januari 2015 het Gents Klimaatplan goed. Stad Gent bevestigt hiermee dat ze deze legislatuur nog 145 miljoen euro zal investeren in maatregelen die rechtstreeks én onrechtstreeks bijdragen aan een lagere CO2-uitstoot.

Enkele blikvangers uit het Gents Klimaatplan 2014-2019:

  • Leningen en premies
    Om het energieverbruik van bestaande woningen te verminderen, moet het aantal energiezuinige renovaties verdubbelen tot 3.500 per jaar en moeten de ambities bij die (energie)renovaties ook hoger komen te liggen. Naast energieleningen wordt er ingezet op een brede waaier aan energiepremies voor wie zijn huis energiezuinig renoveert. Zowel dakisolatie, ramen, gevelisolatie, vloerisolatie, wand- of vloerverwarming als bijvoorbeeld warmtepompen komen in aanmerking. De hoogte van de energiepremies is gerelateerd aan het inkomen.
     
  • Renovatiebegeleiding op maat
    Gentenaars die willen renoveren kunnen bovendien genieten van een ‘renovatiebegeleiding op maat’. Energiezuinig renoveren moet vooral eenvoudiger worden voor de Gentenaars. Stad Gent doet dit door het verlenen van bouwadvies, een energiescan, ondersteuning bij het inschatten van het renovatiebudget… tot het zoeken en contacteren van aannemers en het vergelijken van offertes. Voor alle informatie en dienstverlening rond energiezuinig renoveren kunnen de Gentenaars voortaan terecht bij de Energiecentrale.
     
  • Inzetten op energiearmoede is prioritair
    Het is een belangrijke prioriteit voor het stadsbestuur in samenwerking met het OCMW. Er zijn voor kansarme gezinnen heel wat specifieke maatregelen voorzien die hen moeten ondersteunen in energiezuinig wonen en verbouwen zoals hogere premies, renteloze leningen, energiescans en uitgebreide begeleiding door vzw REGent. Daarnaast wil het stadsbestuur ook dat meer sociale woningen energiezuiniger worden gerenoveerd. Stad Gent voorziet daarom in een financiële ondersteuning voor energierenovaties van sociale woningen door de sociale huisvestingsmaatschappijen actief op haar grondgebied.
     
  • Energiecoaching bedrijven
    Gentse ondernemers die hun bedrijf duurzaam willen aansturen kunnen een coachingtraject rond energiebesparing volgen en krijgen hiervoor een premie. Dit laat hen toe om de juiste investeringskeuze te maken op het vlak van energie-efficiëntie en hernieuwbare energieproductie. Na een geslaagd pilootproject is eind 2014 beslist om de energiecoaching uit te breiden voor 110 Gentse bedrijven.
     
  • Duurzame bedrijventerreinen
    Bij de ontwikkeling van nieuwe bedrijventerreinen, waar we als stad hefbomen in handen hebben, wordt een duurzame aanpak uitgewerkt bij de planning en uitgifte van deze terreinen. Het doel is om energiereductie en de productie van hernieuwbare energie te stimuleren. Dit kan bijvoorbeeld door met een deel van de opbrengst uit de verkoop van percelen ondersteuning van de bedrijven te voorzien en rationele energiemaatregelen te belonen. Op het nieuwe bedrijventerrein Wiedauwkaai wordt tijdens de eerste fase van de uitgifte deze vernieuwende aanpak uitgeprobeerd.
     
  • Gentenaars inspireren Gentenaars
    We willen ook initiatieven stimuleren waarin Gentenaars elkaar kunnen inspireren en versterken. Via een duurzame wijkwerking gaan we actief op zoek naar koplopers in de Gentse wijken die hun schouders willen zetten onder bottom-up projecten die leiden tot meer energiereductie, hernieuwbare energie en CO2-reductie. Hiervoor wordt voorzien in een subsidiereglement waarbij op wijkniveau projecten kunnen worden ondersteund.
     
  • Voorbeeldfunctie als Stad
    Als stadsorganisatie willen we natuurlijk ook het goede voorbeeld geven. Zo moeten onze stadsdiensten jaarlijks 3% minder energie verbruiken of 15% in de volledige legislatuur. Voor de site Zuid, waar de stads- en OCMW diensten zich meer geconcentreerd zullen vestigen, wordt een bedrijfsvervoerplan uitgewerkt, gericht op het duurzaam beheer van de woon-werk verplaatsingen van onze medewerkers.
     
  • Duurzame nieuwbouwprojecten
    De stad en sogent zetten in het kader van de stadsontwikkelingsprojecten in op duurzame nieuwbouwprojecten op stadsgronden door hoge ambities op te leggen op vlak van energie. Zo engageert de projectontwikkelaar in het project Oude Dokken zich voor een innovatief systeem dat energie recupereert uit ‘grijs afvalwater’ van bad en douche, aangevuld met de productie van biogas uit vergisting van het ‘zwart afvalwater’, afkomstig van de toiletten en vermalen groenten- en fruitafval.
     
  • Duurzame mobiliteit
    Het stadsbestuur kiest resoluut voor een andere en meer duurzame mobiliteit voor Gent. Het nieuwe Mobiliteitsplan Gent verhoogt de leefkwaliteit in de stad en maakt ze beter bereikbaar. Binnen de stadsring (R40) voert het stadsbestuur overal de ‘zone 30’ in voor meer veiligheid. Het voetgangersgebied breidt uit, er komt een betere doorstroming van het openbaar vervoer en men versterkt de fietsinfrastructuur. De binnenstad wordt verdeeld in zeven sectoren, waarbij het doorgaand verkeer zoveel als mogelijk geweerd wordt. We stimuleren ook autodelen met schone auto’s (elektrische en CNG), de overstap naar een elektrische (bak) fiets, en plaatsing van elektrische laadpalen via subsidies. Ook voorzien we in het faciliteren van een CNG-tankstation in Gent.
     
  • Hernieuwbare energie x 2
    Gent verdubbelt het aandeel lokaal geproduceerde hernieuwbare energie van 7.5% in 2011 tot 15% van de huishoudelijke energievraag in 2019. We werken een strategie uit rond warmtenetten en creëren een gunstig klimaat om windenergieprojecten te realiseren. Via energiekaarten zoals een zonnekaart, zal het voor de Gentenaar bovendien makkelijker worden om de juiste keuzes te maken inzake investeringen voor hernieuwbare energie.
     
  • Duurzame haven
    Het Havenbedrijf Gent werkt aan een duurzame haven, door duurzame projecten binnen het havengebied te stimuleren en door het goede voorbeeld te geven. Zo wil het Havenbedrijf tegen 2020 de energie-efficiëntie van de economische activiteiten binnen het havengebied met 20% verbeteren , door o.a. meer gebruik te maken van alternatieve energiebronnen, het uitwisselen van reststromen (‘afval’, zoals warm water en stoom, wordt een grondstof om energie op te wekken), verdere uitbouw van de hernieuwbare energieproductie en inzetten op cleantech. Ook aan de realisatie van een duurzaam bedrijventerrein en het opnemen van duurzaamheidscriteria in concessiecontracten wordt er gewerkt. Voor de eigen werking zet het Havenbedrijf onder meer in op bedrijfsfietsen voor de medewerkers, de verduurzaming van het wagenpark en van de eigen gebouwen.

 

Indiener vertegenwoordigt Overheid
Organisatie indiener Stad Gent
Over welke thema's gaat het engagement
  • Woongebouwen, andere gebouwen, sociale huisvesting
  • Onderwijs
  • Personen- en goederentransport
  • Landbouw
  • Afval
  • Industrie
  • Circulaire economie
  • Koeling
  • Energieproductie
  • Ruimtelijke ordening
  • Cultuur
Verwacht resultaat

-20% CO2 én energie in 2019 t.o.v. 2007, -40% CO2  in 2030 t.o.v. 2007 en een stad zonder negatieve impact op het klimaat tegen 2050.

Meer informatie pdf bestandGents Klimaatplan 2014-2019 (2.25 MB)

Aanvullend gaf de stad Gent volgende randvoorwaarden en/of knelpunten mee:

De Stad Gent vraagt een ambitieus Vlaams klimaatbeleid met heldere doelstellingen én gekaderd in een tijdspad op lange termijn, dat zowel getuigt van een integratie van het Vlaamse en het federaal beleidsinstrumentarium over de sectoren heen (wonen, mobiliteit, fiscaliteit, ruimtelijke ordening, …) als dat de rol van steden erkent en beloont.

Belangrijk daarbij is om het klimaatbeleid niet alleen als een last te aanzien, want klimaatbeleid biedt ook heel wat opportuniteiten. Een goed uitgebouwd klimaatbeleid is ook goed voor een leefbare stad, comfortabel wonen, creatie van jobs, lagere energiefactuur, bestrijding energiearmoede, etc. daarnaast ook vanuit mondiaal perspectief: een goed klimaatbeleid is ook nodig i.f.v. stabiliteit, veiligheid, migratie, …

Het opgestart proces naar aanleiding van de Vlaamse Klimaattop kan ook voor de lokale overheden een belangrijke hefboom betekenen voor het lokale klimaatbeleid, en de rollen en taken van beide overheidsniveaus scherper zetten. Er is immers nood aan coherentie van beleid op verschillende beleidsniveaus en samenwerking tussen de niveaus. Op die manier kan een stabiel investeringsklimaat gecreëerd worden voor klimaatmaatregelen.

Bij het uitwerken van stimuli op diverse beleidsniveaus moet erkend worden dat maatwerk noodzakelijk is en dat eenheidsworst niet werkt. Mensen hebben vooral nood aan ontzorging (“wat is in mijn situatie de juiste keuze en wie begeleidt mij bij de implementatie ervan”). Op dat vlak is er nood aan een integratie tussen het woon- en energiebeleid (normerend), de stimuli daartoe van de Vlaamse en federale overheid (belastingen, BTW, premies, wooncode) en de rol die vooral de lokale overheden kunnen opnemen om mensen effectief aan te zetten deze stimuli te benutten (ontzorging).

Lokale overheden staan het dichts bij de burgers, de bedrijven en andere maatschappelijke actoren actief op hun grondgebied en kunnen in de uitvoerring van het Vlaams klimaatbeleid een belangrijke rol opnemen (bv. opzetten van pilootprojecten, living labs, ontzorging van burgers en ondernemingen, …).

Wij zien als stad volgende prioriteiten om zowel op Vlaams als op stedelijk niveau grote CO2- en energiereducties te realiseren en tegelijkertijd de leefkwaliteit te verhogen:

  1. Ondersteuning van pilootprojecten
    Het is daarbij ook noodzakelijk dat er een kader wordt uitgewerkt voor het opzetten van experimenten (regelluwe ruimte) waarbij innovatie (niet alleen vanuit technologisch vlak, maar zeker ook vanuit sociaal-maatschappelijk vlak) in een samenwerkingsverband met diverse actoren (Vlaamse overheid, steden en gemeenten, kennisinstellingen, bedrijven, verenigingen, burgers) gemakkelijk kan ontstaan.
     
  2. Openbaar ervoer
    Er moet meer en sneller werk gemaakt worden van vertramming in de steden en in verbinding met hun periferie. Er is ook nood aan een groter aanbod (hoge frequentie) van het openbaar vervoer, en bussen die stiller, schoner en zuiniger zijn. De manier waarop het openbaar vervoer georganiseerd is, heeft een grote invloed op de leefkwaliteit. Het is belangrijk dat zeker in stedelijk gebied waar de invloed van verkeer op de leefkwaliteit groot is, gekozen wordt voor CNG. Voorbeelden uit het buitenland wijzen uit dat CNG kan geïmplementeerd worden in het openbaar vervoer. Voertuigen op aardgas kunnen luchtverontreiniging op korte termijn indijken, maar is ook op lange termijn een deel van de oplossing voor het klimaat- en energievraagstuk. Aardgas wordt als een transitiebrandstof beschouwd, omdat aardgasvoertuigen probleemloos kunnen overschakelen op biogas of synthetisch gas dat geproduceerd wordt met groen waterstofgas. Vandaar dat de Stad Gent voorstander is om verhoogd in te zetten op CNG voertuigen in Gent voor zowel het eigen voertuigenpark van de Lijn of de voertuigen die via pachtovereenkomst worden ingezet in Gent. Het is dan ook noodzakelijk dat in de beheersovereenkomst van de Lijn wordt opgenomen dat er moet gekozen worden voor CNG bussen (waar trams niet mogelijk zijn).
     
  3. Vernieuwbouw
    Het is noodzakelijk een kader te scheppen voor renovatie van woningen versus vernieuwbouw, rekening houdende met het feit dat steeds meer mensen in steden zullen gaan wonen en dat daar een kwalitatieve verdichting noodzakelijk is. Mensen aanzetten (via allerlei stimuli) om hun woning te renoveren bestendigt de huidige stedenbouwkundige situatie maar kan de invulling van toekomstige noden hypothekeren.
     
  4. Renovatie bestaand woningpatrimonium
    Het heeft een grote meerwaarde om bij zaken die door Vlaanderen ontwikkeld worden i.k.v. het renovatiepact, acties/projecten die al lopen binnen lokale overheden en hun lessons learned mee te nemen en lokale overheden daarbij als volwaardige partner te betrekken. Binnen steden zit ook een grote capaciteit om i.s.m. Vlaanderen pilootprojecten op te zetten om zaken uit te testen i.f.v. generieke implementatie in Vlaanderen.
     
  5. Bij de vertaling van de Europese richtlijnen omtrent energie-efficiëntie in Vlaamse wetgeving de ambities hoog genoeg zetten en bv. energie-investeringen meenemen in de milieuvergunning zoals in Nederland (verplicht energieplan opstellen bij het indienen van een milieuvergunning en verplichting opnemen om maatregelen met een terugverdientijd van minder dan 5 jaar verplicht uit te voeren).
     
  6. Financiering van klimaatplannen
    De realisatie van een ambitieus klimaatbeleid op alle niveaus veronderstelt een lange periode van aanhoudende investeringen. Doordat de benodigde investeringen meteen ook een investering in de Vlaamse economie betekenen, vormen de klimaatplannen de motor van een krachtige, langdurige economische relance. Bij de meeste van deze klimaatplannen ontbreekt echter een sluitend financieringsluik. Zonder aangepaste financiering kan er evenwel geen sprake zijn van de realisatie van de (lokale) klimaatdoelstellingen, noch van een economische relance op Vlaams niveau. Om maximaal het ecologisch en economisch potentieel van de lokale klimaatplannen te valoriseren, hebben de steden en gemeenten Antwerpen, Gent, Leuven, Sint-Niklaas, Kruibeke, de intercommunale IGEMO, de provincies West-Vlaanderen en Vlaams-Brabant, het Vlaamse departement Leefmilieu, Natuur en Energie in samenwerking met de private partners Technum, KBC en SuMa Consulting eind 2014 een werkgroep opgezet. Dit resulteerde in de ontwikkeling van een model voor de financiering van lokale klimaatplannen, waarbij klimaatplannen met in hoofdzaak private middelen worden gefinancierd.
    Op deze wijze kunnen zowel economische relance als het behalen van de klimaatdoelstellingen gerealiseerd worden, zonder de (lokale) overheidsbegroting overmatig te bezwaren. De lokale overheden van dit partnerschap zijn nu vragende partij om dit project in deze fase op te tillen naar een hoger niveau, nl. Vlaanderen, wil het een reële kans op slagen maken.

Voeg een nieuwe reactie toe